Alnus glutinosa (zwarte els, gewone els) is een inheemse pionierssoort in vrijwel geheel Europa, maar komt ook voor in delen van West‑Azië en Noord‑Afrika. Hij groeit van nature samen met onder andere Betula pubescens, Salix cinerea en Sorbus aucuparia. vooral in vochtige tot natte gebieden zoals rivieroevers, moerassen en ooibossen, maar kan ook in drogere omstandigheden voorkomen. De zwarte els is een snelgroeiende boom die meestal een hoogte bereikt van tien tot twintig meter, maar onder gunstige omstandigheden kan uitgroeien tot veertig meter. De breedte van de kroon varieert doorgaans tussen zes tot twaalf meter, met een breed piramidale tot eivormige, halfopen kroon die met de leeftijd breder wordt.
De omgekeerd eironde bladeren van de zwarte els hebben een grof gezaagde rand en zijn donkergroen. Het blad en de knoppen voelen vaak wat kleverig aan, wat ook is terug te zien in de soortnaam glutinosa. In het vroege voorjaar verschijnen katjes (mannelijke en vrouwelijke bloemen) al vóór of tegelijk met het blad, meestal in februari tot maart/april; de langwerpige mannelijke katjes zijn geelachtig en hangen, de vrouwelijke zijn kleiner en rechtopstaand. Na de bloei ontstaan de karakteristieke elzenproppen (harde, houtige vruchtbolletjes), die vaak tot lang in de winter aan de boom blijven en later de kleine, gevleugelde zaden afgeven die door wind en water (ze blijven drijven) worden verspreid. De violetgrijze schors van jonge bomen is glad, maar bij oudere exemplaren wordt deze donkergrijs en gegroefd. De twijgen zijn stevig en violetgrijs in hun jeugd.
De zwarte els groeit als pioniersoort het best in volle zon tot lichte schaduw en verdraagt een breed scala aan bodemtypen, van zand tot leem of klei, mits voldoende vochtig; zelfs permanente natte, zuurstofarme bodems worden goed verdragen. Door een symbiose met stikstofbindende bacteriën (Frankia alni) kan hij stikstof uit de lucht vastleggen, wat de bodem verrijkt en andere planten helpt groeien. De is een functionele landschapsboom voor bodemverbetering en erosiebestrijding zoals waterkantversterking, oeverbeplanting, bosrandbeplanting, maar ook als park- of laanboom.