Afwerking groeiplaats
Nadat de grond rondom de kluit stevig is aangetrapt begint het afwerken van de toplaag. Meestal voldoet het glad afharken met eventueel inmengen van verrijkte aanplantgrond afhankelijk van de gekozen beplanting in het plantvak. Van belang voor de boom is dat er geen beplanting direct op de kluit wordt gezet. Dus de kluit zelf blijft vrij van beplanting. Wel kan er worden ingezaaid tot op de kluit. Omdat de bovenkant van de kluit bij volledig intact blijft, inclusief jute en draadkorf is er ook geen ruimte om andere beplanting direct onder de boom te plaatsen. In het geval van irrigatie die wordt toegepast is het ook van belang hier ruimte voor beschikbaar te laten en mocht het leidingwerk er al liggen dan moet je hier voorzichtig mee omgaan om lekkage te voorkomen.
Om de gietrand stevig op zijn plek te houden is het van belang hem minimaal 1/3de van de hoogte in te graven (ca. 10 cm.) Voor een effectieve werking moet de minimale hoogte van de gietrand boven de grond zeker twintig centimeter zijn. De verankering van de gietrand kan gebeuren door hem aan de bomenpalen vast te schroeven. Echter is dan het materiaal lastig te verwijderen en niet meer te gebruiken na verwijdering. Een goede optie is om de gietrand met ankers in de grond te plaatsen. Bij het plaatsen van de gietrand aan de buitenkant van de boompalen dan is het losschroeven en verwijderen nog een overzichtelijke klus. Bij het plaatsen van de gietrand aan de binnenzijde van de boompalen kost het verwijderen meer tijd.
Als laattste na aanplant is het zaak de druppelbwevloeing aan te sluiten. Druppelbevloeiing is een efficiënte manier om de boom direct en gecontroleerd van vocht te voorzien. Door de bomen apart water te geven van de overige beplanting kun je hee lgericht de dosering instellen. Een druppelslang is een flexibele buis met gelijkmatig verdeelde gaatjes die bij voldoende waterdruk een constante hoeveelheid water afgeven. Voor een gelijkmatige irrigatie wordt een maximale lengte van ongeveer 30 meter geadviseerd. Druppelbevloeiing kent veel voordelen, zoals een hoge waterefficiëntie (meer dan 90%), waterbesparing en gebruiksgemak.
Er bestaan bovengrondse en ondergrondse druppelslangen. Ondergrondse systemen zijn permanent en geven water direct bij de wortel af, terwijl bovengrondse systemen makkelijker te controleren en uit te breiden zijn. Drukcompenserende druppelslangen zorgen voor de meest nauwkeurige en gelijkmatige waterafgifte.
Goed watergeven direct na aanplant is cruciaal, voornamelijk om te zorgen dat de grond goed aansluit aan de wortels en er geen luchtkamers (gaten) in de bodem kunnen ontstaan. Dit is extra van belang bij aanplant met kale wortel. Bij kluitbomen speelt deze rede iets minder omdat de wortels met grond en al gerooid zijn. Als nazorg is watergeven vooral tijdens de eerste jaren na het planten belangrijk. Tijdens droge periodes zal de boom zelf nog niet genoeg water kunnen vinden doordat zijn worteloppervlak nog niet in verhouding is tot zijn kroonomvang. Watergeven is dan ook onmisbaar tijdens de eerste jaren na aanplant.
Wil je meer weten over de juiste manier van watergeven? Raadpleeg dan Watergeven & droogte.