+
Kennisbank: Verwelkingsziekten

Verwelkingsziekten

Verwelkingsziekten

Inhoudsopgave

Iepziekte

Iepziekte

De iepziekte is een van de meest verwoestende boomziekten in Europa en heeft geleid tot massale sterfte onder iepen. De ziekte wordt veroorzaakt door de schimmels Ophiostoma ulmi en Ophiostoma novo-ulmi, die het houtvatenstelsel aantasten. Verspreiding vindt plaats via de iepenspintkever (Scolytus-soorten) en door wortelcontact tussen naburige bomen. De schimmel dringt binnen via wondjes of kevergangen en blokkeert de houtvaten waardoor het watertransport stopt. Hierdoor verwelken bladeren plotseling, vaak eerst in één tak of kroonhelft. Vervolgens verkleurt het blad geel tot bruin en valt voortijdig af. Belangrijk symptoom  is verdroging van (delen) van de boomkroon.  In het hout zijn onder de bast donkerbruine verkleuringen in ringvormige patronen zichtbaar – een duidelijk herkenningskenmerk van besmetting. De ziekte verspreidt zich snel in warme zomers wanneer de kevers actief zijn. Een besmette boom sterft vaak binnen enkele weken tot maanden. Door klimaatverandering met warme herfsttemperaturen tot gevolg zijn er langere vliegperioden van de iepenspintkevers en neemt besmetting toe. 
Bestrijding en preventie: de ziekte verspreid zich op tee manieren, via de iepenspintkever en via wortelcontact. Om de eerste manier te minimaliseren is het zaak aangetaste bomen direct te verwijderen om verdere besmetting te voorkomen. Daarbij moet de bast van de boom verwijderd worden omdat dit de broedplek van de kevers is. Om verspreiding via wortelcontact te voorkomen is het zaak om resistente iepenrassen te planten die op eigen wortels staan en dus niet geënt zijn op voor iepenziekte bevattelijke onderstammen. Resistente iepenrassen zijn soorten als: Ulmus ‘Columella en ‘Sapporo Autumn Gold’. Soorten uit de Resista-kloon zijn extra sterk en getest: ‘New Horizon’‘Rebella’‘Rebona’ en ‘Fiorente’. Ook is het een optie om op iep gelijkende soorten toe te passen zoals Zelkova en Celtis. Door tijdige herkenning van de symptomen en het toepassen van resistente soorten kan de iepziekte effectief worden beheerst en blijft deze karakteristieke boom behouden.

Verticilium

Verticilium

Een verticillium-aantasting wordt veroorzaakt door een bodemschimmel uit het geslacht Verticillium. Deze schimmels dringen via de wortels de boom binnen en zorgen als reactie op de schimmel voor het afsluiten van de houtvaten, waardoor de sapstroom wordt belemmerd. Het gevolg is een gebrekkige water- en voedingsstoffenvoorziening, wat leidt tot verwelkte bladeren en uiteindelijk afsterven van enkele takken tot de gehele boom. In het begin van een aantasting zijn het meestal enkele losse takken in de kroon die de verwelking laten zien. De symptomen treden vaak plots op, vooral in warme perioden met veel neerslag. Herkenbaar in de houtvaten, kort onder de bast, zijn vaak donkere tot paarsglazige ringvormige verkleuringen zichtbaar. Een karakteristiek teken van een verticilium aantasting. Jonge aanplant sterft vaak binnen een jaar, oudere bomen kunnen er soms van herstellen. Verticillium gevoelige soorten zij: esdoorn (Acer), linde (Tilia), katsuraboom (Cercidiphyllum), tamme kastanje (Castanea) en liguster (Ligustrum).
Bestrijding en preventie: Een directe bestrijding van verticillium is niet mogelijk; de schimmel kan jarenlang in de bodem overleven. Preventie is daarom essentieel. Plant bij voorkeur resistente of minder vatbare soorten, en vermijd aanplant op besmette gronden die een voorgeschiedenis hebben met aardappel- of dahliateelt. De bodemstructuur verbeteren en het bodemleven stimuleren om de weerstand van bomen te vergroten kan daarbij helpen. Aangetaste takken moeten ruim worden weggesnoeid en vernietigd. Gereedschap goed ontsmetten om verspreiding te voorkomen. Bij het snoeien van een boom met verticillium aantasting is het raadzaam om van het gezonde naar het zieke deel toe te snoeien om verspreiding van de aantasting naar gezonde delen te minimaliseren.

Bacterievuur

Bacterievuur is een ernstige bacterieziekte die alle bomen en struiken uit de rozenfamilie (Rosaceae) aantast, zoals sier(peren) en appels (Pyrus en Malus), lijsterbessen (Sorbus), meidoorns (Crataegus) en kweeperen (Cydonia). De ziekte komt regelmatig voor en kan grote schade veroorzaken bij aanplant van deze soorten. De bacterie dringt binnen via bloemen, wonden of natuurlijke openingen. Eenmaal geïnfecteerd verspreidt die zich snel door het vaatstelsel van de plant. Besmette scheuten verkleuren zwartbruin en buigen vaak krom, wat doet denken aan een herdersstaf, een klassiek herkenningsbeeld. Bladeren en bloemen verwelken, maar blijven vaak nog aan de tak hangen waardoor er een prop gestorven blad aan het einde van de tak te zien is alsof het verbrand of verschroeit is, vandaar de naam bacterievuur. In vochtige en warme omstandigheden kan een kleverig, melkachtig slijm uit geïnfecteerde delen komen, dat nieuwe besmettingen veroorzaakt via insecten, regen of gereedschap. De ontwikkeling van bacterievuur wordt bevorderd door warm, vochtig weer in het voorjaar en de zomer. De bacterie overleeft in donkere, kankerachtige delen op de takken, van waaruit ze in het volgende groeiseizoen opnieuw actief wordt.
Bestrijding en preventie: richt zich vooral op preventie en hygiëne. Aangetaste delen kunnen het beste ruim (30–50 cm in gezond hout) worden verwijderd en vernietigd. Snoeigereedschap moet na gebruik per snede worden gedesinfecteerd om verdere verspreiding te voorkomen. Er bestaan geen effectieve bestrijdingsmethoden; daarom is vroegtijdige herkenning en snelle verwijdering essentieel. Bij de keuze van beplanting kan worden uitgeweken naar minder gevoelige soorten of resistente cultivars, om het risico op aantasting te beperken

Meld je aan voor onze nieuwsbrief.

×
Cookie instellingen

Stel hier uw cookie voorkeur in. Meer informatie over het gebruik van gegevens en de verschillende cookies vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.